Lezing Theo van den Bogaard

Impresario
Berkenrode, 31 Augustus 2019, 17’00 – 17’45 uur

De volledig uitgesproken lezing staat op de audio clip en duurt 45 minuten exact. Hier volgt een korte samenvatting, in chronologische volgorde van uitspreken.

Deel I De Zangersmarkt

[Een filmpje van 16 juli 1994, Los Angels, een concert van De Drie Tenoren. Een verhaal daarbij over hun inkomsten, red.]
De drie tenoren steken dus heel veel geld in de eigen zak. Dit fenomeen noemen kunsteconomen ‘Winner takes all’. Dat werkt zo.
Mensen met normale banen, dus niet in de kunstwereld, die hebben een inkomen. Dat ziet er zo uit.

De conclusie is dat héél veel werkende mensen, zeg 80 of 90%, een inkomen genieten pakweg tussen de € 20 en 70k per jaar. Die mensen kunnen in Nederland een huis kopen, een auto, een gezin onderhouden en minimaal één keer per jaar met vakantie. Kortom: werkende mensen in Nederland zijn welvarend.

Jullie zijn zangers, voor economen vallen jullie naar de inkomensverdeling van kunstenaars. Die is totaal anders dan de verdeling boven. Jullie behoren tot een superkleine minderheid; misschien een paar procent van de beroepsbevolking. Jullie inkomensverdeling is als volgt (de rode lijn):

Conclusie: 95% van de kunstenaars (en dus ook zangers) verdient minder dan € 10k per jaar met hun vak. Kunsteconomen spreken van een negatief inkomen. Het uitoefenen van jullie vak kost minimaal € 10.000 per jaar, voor coachings, reizen, hotels, lessen, kleding, visagisten etc. Als je minder verdient is je inkomen negatief, ben je een ‘sponsor van jezelf’. Hiertegenover staat dat het handjevol bekende artiesten heel veel verdienen. Een goede maar niet extreem beroemde zanger zoals Anita Rachvelishvili verdient misschien enkele tonnen. Anna Netrebko en Juan Diego Florez verdienen misschien 20 of 25 miljoen per jaar. Dat is dat kleine piekje bovenin de rode curve.

Deel II De Agentenmarkt
Jullie hebben een agent nodig. Die heeft in jullie fases van de zangcarrière – het begin- de rol van ‘gatekeeper’. Later in je carrière zal je agent allerlei andere rollen vervullen; dat is nu niet belangrijk. Dat werk zo: als één van jullie de casting director van de opera van Oldenburg in Duitsland belt, dan krijg je hoogstwaarschijnlijk geen reactie. Hij kent je immers niet. Als ik mail, en schrijf ‘Alexander de Jong is een uitstekende jonge bariton’, dan is diezelfde man geïnteresseerd. Of er aan het uiteinde een engagement uitkomt, dat is niet zeker, maar de interesse is gewekt. Dat komt omdat die casting director uit Oldenburg de naam van mij(n kantoor) kent.

Simpel gesteld bestaan er twee soorten kantoren: hele grote; en hele kleine kantoren, met één of twee artist managers.  De grote agenten zitten vooral in London: IMG, InterMusica, HarrissonParrot, AskonasHolt, KDSchmid. Goede kantoren die kleiner zijn, zijn Hilbert in München of Machreich in Wenen. Helaas is de sector binnen Nederland zwak.

Agenten vertegenwoordigen dirigenten, componisten, zangers en instrumentalisten. Componisten zijn de absolute grootverdieners; zij krijgen royalties. Het vermogen van Andrew Lloyd Webber is ca. 1 miljard euro. Dirigenten als Valery Gergiev verdient ca. € 16 miljoen per jaar, maar die werkt er dan ook hard voor; ik vertegenwoordigde een dirigent uit de middenmoot die nog altijd voor een voorstelling in de opera van Frankfurt € 13.000,- per voorstelling kreeg. Daarna komen de zangers. Een zanger met een dramatische stem en een goede carrière verdient ca € 10.000 per avond, en kan er misschien 60 zingen op een avond; die verdient dus € 600.000 per jaar, waar je bij bedenken moet dat de fiscus in Nederland niks inhoudt op een gage (regeling voor profvoetballers en artiesten). Na de zangers komt heel lang niks. Bij violisten en pianisten verdient de mondiale top-10 of 20 héél veel (Winner takes all). De namen die optreden bij MeesterPianisten in het Concertgebouw. Maar een zeer goede pianist die optreedt bij het Koninklijk Concertgebouw Orkest verdient misschien € 2.500 per concert. Voor violisten geldt hetzelfde.

Zangers die minder verdienen dan € 10.000 per jaar zullen moeilijk een agent kunnen vinden. Tussen de 10 en 40k raken agenten geïnteresseerd; daarboven is er hevige concurrentie tussen agenten. Het is gebruikelijk dat agenten artiesten van elkaar afpikken; vooral binnen Londen zijn artiestenwisselingen van artiesten gebruikelijk. De grote kantoren zijn vooral in concurrentie met elkaar.

Mijn advies aan jullie [Jonge Grote Zangers, red.]: als je een agent kent waarvan je de indruk hebt dat die bereid is ook maar één telefoontje te plegen voor jou, bouw daar een werkrelatie mee op.

Deel II 11 lessen uit ervaringen met zangers
XXX [naam zangers bekend bij de redactie, red.] deed op haar 27e een auditie voor mijn kantoor. Ze zong Tosca en een fragment van Brünnhilde. Ik en mijn voorganger namen haar niet op in ons management. Het was niet zozeer dat we haar niet goed vonden. Ons probleem was dat als wij haar naar Oldenburg zouden sturen op auditie, wij niet zeker wisten of ze de hele rol van Tosca zou kunnen zingen. Want een aria zingen is iets anders dan een hele rol kunnen zingen. Dat zeiden we haar ook.

Zangeres XXX gaf niet op. Ze deed na ons nog 30 audities; en ze werd 30 keer afgewezen. Uiteindelijk vond ze onderdak bij het operagezelschap in de stad YYY. Nu is ze wereldberoemd; laten we zeggen ‘the rest is history’.

Les1: geef nooit op. Weer erop voorbereid dat je in het begin vooral afgewezen zult worden in audities.

Les2: Ik denk aan bijv. Elenora Hu [deelnemer Berkenrode, red.]; als je jong bent en al dramatisch repertoire zingt, houd er dan rekening mee dat je extra weerstand krijgt in het begin. De markt absorbeert vooral jonge zangers die Händel of Mozart zingen.

Op mijn kantoor hangt een briefje. Die is gericht aan mijn kantoor, nog vóór mijn tijd. Eronder staat een instructie voor een medewerker: ‘Afwijzen. Zorg dat artiest ons nooit meer lastig valt’. [in codetaal, red.]. Die brief gaat ongeveer zo: “Ik ben een violist. Ik heb een kamerorkestje opgericht met wat vrienden. Wij willen walsen spelen, van Strauss en Shostakovitsch. Wilt u ons zakelijk begeleiden daarin. Hoogachtend, André Rieux.” Met de kennis van nu is de afwijzing natuurlijk amusant, maar toch is die begrijpelijk. Het plan op papier is nog steeds slecht.

Les3: Niemand, zelfs  niet zeer ervaren personen, kunnen succes voorspellen. Vertaald naar jullie: Kies repertoire dat júllie past; dat júllie willen zingen. Tientallen mensen zullen je adviezen willen geven. Luister wel, maar beslis zelf, blijf dichtbij jezelf.

Sopraan X [naam bij de redactie bekend, red.] zong een bloemenmeisje in Parsifal bij De Nationale Opera. Ze was zwanger bij de repetities. Ze had last, zoals pijntjes, harde buik, misselijkheid. Staff van de opera gaf haar extra begeleiding. Desondanks was de Nationale Opera zo genereus haar een tweede kans te geven. Dat werd Stella, in Hoffmanns vertellingen. Een maand voor de repetitie belde de Nationale Opera: de regisseur had besloten de rol van Stella in zijn geheel te verwijderen uit de opera. Sopraan X hoefde dus niet te komen. Ik adviseerde sopraan X een andere rol te zingen in een andere opera, en als ze dat aangeboden zou krijgen het contract van Stella te willen annuleren zonder ontslagvergoeding. Dat vond ze een goed idee. Ik belde de Nationale Oper; die waren blij met de houding van artiest X en boden Karolka in Jenufa aan. Artiest X vond die rol minder geschikt dan Stella, en bovendien iets kleiner. Ze verlangde € 100 extra per voorstelling voor Karolka én een tweede contract, voor een betere rol in de toekomst. Daar ging de Nationale Opera niet op in; een ontslagvergoeding werd ik werking gesteld.

Les4: als je fysieke klachten hebt, of welke klachten dan ook: bespreek dat met je partner, vrienden, ouders, buren, met mensen die je vertrouwt. Val opdrachtgevers in beginsel niet lastig met persoonlijke praatjes. Speel richting opdrachtgever de rol alsof je een zanger bent met een aan en uit-knop erop, en dat die binnen de muren van de opdrachtgever altijd ‘aan’ staat.

Les5: Als een belangrijk instituut als de Nationale Opera je iets aanbiedt, dan toon je je dankbaar, je accepteert de invitatie, en ik zou niet onderhandelen over € 100. Dan vinden ze je aardig, en als je voldoende presteert krijg je snel een nieuwe kans. Als je een rol niet wilt doen, dan is je antwoord ‘veel dank, wat fijn dat ik een kans krijg, maar ik ben niet beschikbaar. Ik hoop dat we in contact blijven over nieuwe kansen, in de toekomst’. Dit zijn in beginsel de twee smaken.

Ik was vele jaren de agent van Aleksandra Kurzak. Zij is één van de meest gevraagde sopranen ter wereld; ze zingt vooral in de Met, Londen, en Parijs. Ze is getrouwd met Roberto Alagna.

Ik ging naar de opera van Hamburg om mijn sopraan Daniele Halbwachts te horen als Hanna Glawari.

De rol van Valenciennes werd gezongen door Aleksandra Kurzak; ik las in haar biografie dat ze Koningin van de Nacht zong. Die rol is goed te verkopen als impresario; er is een groot te kort aan.

Ze kwam onder management en had weinig te vertellen; in Breslau had ze wat gezongen, in Hamburg zat ze in de studio, in een concours waar Peter Mario Katona in de jury zat vloog ze eruit in de halve finale.

Ik mailde Katona [al 20 jaar casting director van de Royal Opera House Covent Garden] over Kurzak. Hij schreef terug “ik herinner me haar. Het was jammer dat ze er uit vloog”.

Een half jaar later ging de telefoon; Katona had zijn Aspasia verloren in Mitridate; repetities begonnen over een maand; of Aleksandra overmogen auditie kon doen.

Kurzak had 1 nog nooit van de rol gehoord, en 2 ze had een contractuele verplichting te repeteren overmorgen in Hamburg. Toch deed ze de auditie; ze kreeg de rol.

De ochtend na de première zat ik bij Katona in zijn onooglijk kleine kantoortje. Hij bood Kurzak twee nieuwe contracten aan: Adina en Fiorilla.

Het werd nog mooier voor Kurzak: een week later ging te telefoon weer. Jonathan Friend, van de Metropolitan Opera te NY. Hij begon over een maand te repeteren met Hoffmann en hij had zijn Olympia verloren. Hij bood Kurzak dit engagement aan. Ik wist dat Jonathan haar niet kende;  ik wist met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid dat hij Katona had gebeld, om zijn hulp in te schakelen in een noodsituatie:

Les 6: Kurzak vertelde me dat Katona haar gehoord had.  Dit ene stukje info was de sleutel tot onze extreem succesvolle samenwerking. Deel alle relevante info met je agent; iedereen die jeooit eens ergens gehoord heeft.

Les 7: Kurzak is succesvol omdat ze die auditie in Londen deed. Pak elke kans die je krijgt! Jullie onzichtbare concurrenten komen uit Georgië en Azerbeidzjan welnu, die zullen een auditie nog doen op de dag dat hun moeder sterft.

Les 8. Katona en Friend delen blijkbaar info. Het achterhalen van dit soort info kan goud waard zijn. Probeer met je agent dergelijke onzichtbare netwerken in kaart te brengen.

Nanco de Vries, bariton.
Nanco was een jaar of vijf ensemblemitglied aan de Komische Oper. Hij had dat goed gedaan, na een jaar of vijf is het goed te veranderen. Ik organiseerde een auditie in Theater Bonn, voor een vacature die Nanco op het lijf was geschreven (Titelrollen Rigoletto en Macbeth). Hij ging erheen. Er bleken ca. 70 zangers op afgekomen te zijn. Hij heeft de hele dag gewacht; en ging na overleg met mij uiteindelijk onverrichterzake naar huis.

Les 9: je gaat misschien vreselijke dingen meemaken met audities. Maar trek je daar niks van aan; altijd moedig voorwaarts. Succes hangt niet zozeer samen met succesvol zingen,  maar eerder hoe je tegenslagen verwerkt en daar mee op leert te gaan.

Werner Güra, tenor.
Werner kreeg veel werk van vooral één dirigent: Nikolaus Harnoncourt. Hij had nog lang geen volle agenda, maar dankzij Harnoncourt zong hij op belangrijke plekken als de Musikverein, en met  goede orkesten zoals het Concertgebouw en de Berliner, orkesten die Harnoncourt toevallig dirigeerde.

Uiteindelijk gingen ook andere orkesten en dirigenten hem uitnodigen waarvan mijn kantoor wist dat ze Werner in sommige gevallen niet kenden. Opdrachtgevers dachten waarschijnlijk: als Werner met Harnoncourt zingt, en bij de Berliner, dan zal die wel goed wezen. Op basis van dit marktvertrouwen engageerden ze Werner. Dit resulteerde na een jaar of zeven hard werken in een volle agenda.

Les10: Denk niet; “de wereld is zo groot, er zijn honderd dirigenten, nog meer operagezelschappen; hoe speel ik me in de kijker van vele honderden mensen?”. Integendeel. Het omgekeerde is waar. Werners succes was in ultimo gebaseerd op het vertrouwen van één persoon, Harnoncourt in zijn geval. Er hoeft maar één persoon te zijn die iets in je ziet en je een kans geeft.

MvR, Nederlandse alt
MvR zong in de finale van de zangwedstrijd Reine Elisabeth te Brussel. Ze zong geweldig; ze deed nog jong al denken aan Jard van Nes. Die was net met pensioen dus de markt snakte naar een nieuwe Jard.

Ik nodigde haar uit op kantoor. Ze kwam niet alleen, maar zonder dat ik het wist met een man. Dat bleek haar echtgenoot. Tijdens het gesprek antwoordde niet MvR, maar  haar echtgenoot. “M dit, M dat”. Ik besloot haar niet management aan te bieden. Ik ben impresario van artiesten, niet van echtgenoten van artiesten. De carrière van MvR was kort en weinig succesvol wat gezien haar talenten een verdrietige constatering is.

Les 11: Zoek een partner die je steunt, en niet één die je voor de voeten loopt.
Succesvolle Nederlandse zangers in mijn tijd: Charlotte Margiono, Barbara Haveman, Eva Maria Westbroek, Frank van Aken

Ik dacht na over welke Nederlandse zangers succesvol  waren in mijn tijd. Deze vier komen als eerste bij me op. Met echt succes bedoel ik: een hoofdrol zingen in de Met, Scala, Wiener Staatsoper of Bayreuth. Deze vier namen komen dan vooral bij me op, bij voorbaat excuus als ik iemand vergeet.

Wat hebben zij nou gemeen? Waarom zijn zij succesvol?

Ze zijn alle vier verbonden geweest aan een vast gezelschap. Aan de Komische Oper, Oldenburg, Stuttgart Oper resp. Oper Frankfurt.

Er zijn vele wegen die naar Rome leiden. Ook zonder ooit een vast contract te hebben vervuld kun je een mooie carrière krijgen. Maar een tijdje ‘vast’ zijn is in ieder geval een recept dat tot internationaal succes kàn leiden.

Deel IV Mijn Gouden tip
Doe elke auditie die je kunt.

Als je de dokter belt, dan zegt de receptionist: u kunt komen vanmiddag om 16’00 uur of morgenochtend om 9’20 uur. En dan kies je wat je goed uitkomt.

Bij audities werkt het anders. Bij een auditie moet je altijd de allereerste kans pakken. Als je het tweede slot kiest, krijgt een ander het eerste slot, en als die goed genoeg is, krijgt die het contract.

Verder geldt: geen auditie is geen werk. Dat is de enige zekerheid die jullie op dit moment hebben.

Als je wel een auditie doet, kan er iets uitkomen.

De wereld van opera is als een sneltrein die voor niemand stopt. Je moet er zelf op zien te springen.

Dit besef, dat elke auditie een unieke kans kan zijn, en dat je elke auditie moet benaderen als een mogelijke ‘game changer’, bestaat bij zangers uit de USA of Rusland. In mijn ervaring is dat bij Nederlandse zangers veel minder het geval.

Ik raad jullie aan om nooit de volgende zin ooit over je lippen te krijgen: “Vraag maar om een later slot”.